Sleeve injectie

Uw behandelend arts heeft u voorgesteld om u een sleeve injectie te geven in verband met uw pijnklachten. In deze folder leest u hoe deze behandeling verloopt.

Wat is een sleeve injectie van een zenuwwortel?

De wervelkolom is opgebouwd uit wervels (zie figuur bij nummer 1) waartussen de zogenaamde tussenwervelschijven (zie figuur bij nummer 2) zitten, waardoor de wervels onderling kunnen bewegen. Iedere wervel heeft twee paar gewrichtjes (facetgewrichten) met de bovenliggende wervel (zie figuur bij nummer 3) en twee gewrichtjes met de onderliggende wervel (zie figuur bij nummer 4). Deze facetgewrichtjes kunnen de oorzaak van de pijn zijn bijvoorbeeld door artrose. Tussen twee wervels komt er een zenuwwortel uit (zie figuur bij nummer 5). Deze zenuwwortel is belangrijk voor de pijnsignalen.

 

Figuur 1. Lendenwervels schuin van achteren gezien met een stuk van het bekken (zie tekst).

Om te weten te komen welke zenuwwortel belangrijk is voor het gebied waarin uw pijn zit, kan er eerst een proefblokkade van deze zenuwwortel worden gedaan. Dit gebeurt door deze zenuwwortel (zie figuur bij nummer 5) met een injectie te verdoven, zodat deze geen pijn meer kan doorgeleiden. In de lage rug weet uw pijnspecialist op grond van uw klachtenpatroon en het neurologisch onderzoek welke zenuwwortel uw uitstralende pijn in uw been veroorzaakt. Hij zal dan tegelijkertijd met de lokale verdoving ook corticosteroiden inspuiten rond de zenuwwortel. Deze medicijnen halen de ontsteking rond de zenuwwortel weg. Men noemt de zenuwwortelinjecties met corticosteroiden een sleeve injectie omdat de medicijnen rond de manchet (sleeve) van de zenuwwortel worden ingespoten.

Sleeve injecties worden bij de zenuwwortels van de borstwervelkolom, lendenwervelkolom en halswervelkolom toegepast.

De behandeling

  • U wordt door de verpleegkundige in de behandelruimte gebracht, waarin u een behandeltafel, een röntgenapparaat en televisiemonitors ziet opgesteld.
  • Afhankelijk waar de sleeve injectie moet worden verricht, wordt u op uw rug of buik op de behandeltafel gelegd.
  • De juiste plaats van de sleeve injectie wordt bepaald met het röntgenapparaat en een ijzeren liniaal.
  • Deze plaats wordt gemarkeerd met een viltstift op de huid. Vervolgens wordt de omgeving van deze plaats ontsmet met een koude, rode vloeistof.
  • De pijnspecialist dekt met enkele steriele doeken de plaats af om steriel te kunnen werken.
  • De huid wordt plaatselijk verdoofd, waarna de pijnspecialist onder röntgendoorlichting (via de televisiemonitor) de naald op de juiste plaats brengt.
  • Ook wordt er wat contrastvloeistof ingespoten om de positie van de naald goed te zien.
  • Bij de sleeve injectie wordt er rond de zenuwwortel een kleine hoeveelheid verdoving gespoten tegelijkertijd met corticosteroiden.
  • Deze verdoving kan enkele uren duren, waarna u weer dezelfde pijn terugkrijgt als voor de sleeve injectie.
  • Hierna kunt u zich weer omkleden en wordt u gevraagd om naar de wachtruimte te gaan.
  • Na een half uur komt uw pijnspecialist u vragen of de pijn door de sleeve injectie duidelijk is verminderd.
  • Tijdens de controleafspraak zal de pijnspecialist het resultaat en mogelijke verdere behandeling met u bespreken.

De eerste uren na de behandeling kunt u last hebben van tijdelijke vermindering van gevoel en kracht in de armen of benen.

Hoe moet ik me voorbereiden op een sleeve injectie?

  • Het is belangrijk dat u vermeldt of u bloedverdunners gebruikt. Uw medisch specialist bespreekt dan met u wat u moet doen met uw antistollingsmedicatie (bloedverdunners).
  • U hoeft geen speciale voorbereidingen te treffen zoals nuchter blijven omdat de behandeling meestal poliklinisch gebeurt.
  • U kunt gewoon eten voor de behandeling en uw geneesmiddelen innemen. (Dit geldt niet voor bloedverdunners zoals hierboven staat vermeld).
  • Zorg wel dat iemand u thuisbrengt, want u mag 24 uur niet aan het verkeer deelnemen.

Waar moet ik op letten voordat ik een sleeve injectie krijg?

Er zijn een aantal situaties die u aan uw pijnspecialist moet melden als hij u een sleeve injectie voorstelt:

  • In geval van zwangerschap kunt u geen sleeve injectie ondergaan omdat er röntgenapparatuur wordt gebruikt.
  • Als u ziek bent of koorts hebt op de dag van behandeling kunt u geen sleeve injectie ondergaan en moet er een nieuwe afspraak gemaakt worden.
  • Als u overgevoelig bent voor jodium, pleisters, contrastvloeistof of verdoving dan moet u dat aan uw pijnspecialist melden voordat de afspraak voor de behandeling wordt gemaakt.

Hebben sleeve injecties bijwerkingen?

  • Als mogelijke bijwerking van de sleeve injectie kan het zijn dat tijdelijk een verminderd gevoel van de huid waar behandeld is, optreedt.
  • Bij aanraking van de huid kan dit soms een vreemd gevoel geven. Dit zal na enkele weken weer verdwijnen.
  • Ook kan er soms een allergie voor de ingespoten stoffen optreden zoals de contrastvloeistof.
  • Als u diabetes heeft kan deze door de corticosteroiden wat ontregeld worden.
  • Het is dan ook van belang dat u dit van te voren tegen uw pijnspecialist zegt, na een sleeve injectie moet de suiker even goed gecontroleerd worden.
  • Soms kan de zenuw geraakt worden waarna de pijn langer aanhoudt.
  • U moet dan contact met uw pijnspecialist opnemen zodat u wat extra medicijnen krijgt.
  • Bij vrouwen kunnen er door de corticosteroiden opvliegers optreden en kan de menstruatiecyclus korte tijd verstoord worden.

Wanneer kan ik pijnvermindering verwachten?

  • Na een sleeve injectie kan er napijn optreden die een week duurt en vanzelf verdwijnt.
  • Het beste resultaat van de behandeling zien we na twee weken.

FINANCIËLE ASPECTEN

Deze informatie betreft de verzekering en vergoeding van uw behandeling. Heeft u een verwijzing van uw huisarts? Dan dekt uw zorgverzekering 60%-100% van uw behandeling. Wij vergoeden de resterende 40% – 0% voor u. U betaalt dus niets extras.

Ons privacyreglement vindt u ophttp://www.acibademimc.com/over-onsonder Privacy & klachten. Hier vindt u informatie over de mogelijkheid tot het melden van onveilige situaties (waaronder (bijna-)incidenten); klachten en/of claims;

Bij complicaties kunt u de kliniek (buiten) werktijden op het noodnummer bereiken: 06-214 66 796

Vragen of suggesties?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, neem dan contact op via telefoonnummer: 020 238 8800.

Bent u van mening dat bepaalde informatie ontbreekt of onduidelijk is, heeft u opmerkingen over deze brochure of over de gang van zaken tijdens het onderzoek die nuttig kunnen zijn, dan vernemen wij het graag. Volgende patiënten kunnen hier baat bij hebben.

Wat ik nog wil weten:

 

Versie: mei 2019